Geschiedenis

June 16th, 2009

Geschiedenis van Coronie

Geschiedenis
Van Bato tot brug door:Emiel Wijntuin
Tata Colin
Bedevaartoord “Batavia” te Saramacca

Foto’s update:26 nov. 2004 Print

Het district Coronie werd als zelfstandig district ingesteld in 1851. Het dankt zijn naam aan de Coronakreek, waar in het verleden een militaire post was gevestigd. De eerste plantages werden in dit gebied aangelegd in 1808 door Engelse en Schotse kolonisten en de namen van de plaatsen in het huidige Coronie herinneren nog aan de herkomst van die oudste plantage eigenaars. Coronie is dit jaar (1998) dus 190 jaar oud. De oudste plantage is Burnside. Men noemde dit gebied vroeger de Zeekust , omdat alle plantages in dit district zijn aangelegd aan de zeekust. In dit opzicht verschilt Coronie van alle andere districten in de kuststrook, waar de plantages werden aangelegd aan de rivieren. In 1836 werd de naam van de Zeekust veranderd in Opper-Nickerie. Met het bestuur van het district was vroeger belast een landdrost. In 1863 werd ook in Coronie een districtscommissaris belast met het beheer. Het districtscommissariaat is gevestigd te Friendship.

In de jaren na 1808 werd de kuststrook over een lengte van 23 kilometer in cultuur gebracht.

Coronie 1808

De belangrijkste productenwaren suiker en katoen. De suikerplantages werden echter al gauw opgeheven of omgezet in katoenplantages en de plantages die in 1840 nog in cultuur waren, waren vrijwel alle katoen plantages.De huidige nederzettingen in Coronie die aan de rijweg liggen zijn alle oude plantages. Voor een deel zijn ze helemaal verdwenen, maar voor de volledigheid noemen we allemaal die vroeger hebben bestaan, van Oost naar West. Ingiekondre, Inverness, Hamilton (EBG-kerk en school), Welgelegen (R.K kerkje),

Hague, Moy, Perseverance, Cardoss Park, Bellevue, Mary’s hope (R.K kerk en school), Totness (de oudste vestigingsplaats in Suriname), Friendship (hier is het districtsbestuur gevestigd), Corona (vroeger een militaire post), Bantaskine, John, Belladrum, Johanna Maria, Novar, Clyde (de zendingspost Salem van de EBG met school), Sarah Leasowes (vroeger een bloeiende kokosplantage van de HernHutters met een fabriek voor de bereiding van kokosolie), Burnside (de oudste plantage van Coronie en momenteel het meest westelijke bewoonde plaatsje), Lot no. 208, Hope, Oxford, Potosie, Bucklebury, Waltonhall.
In deze eeuw kreeg het bewoonde deel van Coronie een uitbreiding naar het zuiden, door de uitbreiding naar het zuiden, door de uitbreiding van Totness. In het nieuwe gebied vestigden zich voornamelijk Javanen. Coronie was heel lang het kleinste district van Suriname, met een oppervlakte van nauwelijks 1620 km2 en waar maar 1% van de bevolking woonde. In 1983 werden de grenzen van Coronie uitgelegd en momenteel beslaat het district een oppervlakte van 3902 km2 met nog steeds 1% van de bevolking, omdat het gebied dat aan het oude Coronie werd toegevoegd nog onbewoond is.

Coronie grenst in het oosten aan het district Saramacca, in het zuiden aan het district Sipaliwini, in het westen aan het district Nickerie en in het noorden aan de Atlantische oceaan.
De Evangelische broedergemeente maakte een aanvang met de Zending in Moroni 1840. Salem op de voormalige plantage Clyde werd in het district werd in het distrikt de belangrijkste zendingspost. Het mooie kerkgebouw uit de vorige eeuw staat er nog steeds. Te Salem staat ook een van de grootste scholen van het distrikt.
Salemschool 1956.

Salemkerk en school 2004. Foto R. Vriesde

Andere posten van de HernHutters in het distrikt waren en zijn gevestigd te Totness en te Hamilton. In Totness staat er een kerkgebouw en vroeger was er ook een handelszaak van de firma Kersten (eigendom van de EBG) gevestigd. Dit gebouw werd later door de overheid overgenomen, die er een logeergebouw van maakte. Te Hamilton heeft de EBG een kerkgebouw en een lagere school.

De R.K Missie maakte een begin met haar missiewerk in 1892, toen zij te Mary’s Hope een kerkgebouw met pastorie opzette en een school opende. De kerk werd gebouwd door fr. Harmes, die vooral bekend werd door de bouw van de kathedraal in Paramaribo. Mary’s Hope is altijd de belangrijkste post gebleven in het distrikt, maar de R.K bezit ook een klein kerkje te Burnside en aan te Welgelegen. Van de andere grote religies in Suriname (Hindoe, Moslim, Hervormd, Luthers, e.a) vinden we in Coronie slechts weinig belijders.

Behalve de reeds genoemde scholen van de HernHutters en de Rooms Katholieken vinden we in Coronie ook een openbare lagere school te Totness en een school voor Ibgo. Kinderen van Coronie die de mulo-school bezoeken worden per bus vervoerd naar Wageningen, terwijl de Ibgo-leerlingen van Wageningen op de zelfde manier naar Coronie worden gebracht (tegenwoordig vind dit niet meer plaats).
Coronie is het enige distrikt waar in het verleden alle lokaal verkeer plaatsvond over de weg. Langs het gehele bebouwde gedeelte van Coronie loopt er namelijk een schelpenrits, die een natuurlijke rijweg vormde, waarover de mensen zich konden verplaatsen, te voet, te paard of met een rijtuig.

Het verkeer met de buitenwereld werd onderhouden met kleine zeilboten/kotters. Door de vlakke, modderige kust was het voor grotere boten niet mogelijk om de kust van Coronie te naderen. De kleine boten konden de producten van de plantages ophalen of uitladen, door de sluistreek van een der plantages binnen te varen. Belangrijk voor de scheepvaart is altijd geweest het Totness-kanaal, terwijl vroeger ook het kanaal van Sarah Leasowes, Clyde, Salem belangrijk was. Grotere boten die vracht of passagiers vervoerden van of naar Coronie moesten mijlen ver in zee blijven liggen, waar lading en passagiers werden overgeladen in kleinere roeiboten, die de sluiskreken konden binnenvaren. Dit zal vooral voor de passagiers geen onverdeeld genoegen zijn geweest, want in volle zee, op de dobberende golven, overstappen in een klein bootje en daarna in de brandende zon of in stromende regen naar de kust varen, vervolgens door het kanaal naar binnen is beslist geen sinecure`. Een tocht die soms uren duurde. En dat vergezeld van miljarden muskieten, vooral als de tocht s’nachts plaats vond.

Door de moeilijke bereikbaarheid van Coronie is het distrikt altijd erg geïsoleerd geweest. En dit isolement heeft in belangrijke mate het karakter van de Coroniaan en van de Coroniaanse samenleving helpen bepalen. Naar of van Coronie ging men alleen maar als het moest, want een pleziertocht was het niet.Ook niet voor de ambtenaren, onderwijzers, medici e.a die er naar toe moesten om te werken. Coronianen brachten hun producten (kokos, kokosolie, varkens, honing) naar Paramaribo en van Paramaribo werden de producten meegenomen waar men in Coronie behoefte aan had. Maar Coronie was in belangrijke mate een zelfgenoegzaam distrikt. Men produceerde zoveel mogelijk alles wat men nodig had, of men leerde leven met wat men had. De kokoscultuur is vanaf de vorige eeuw voor Coronie erg belangrijk geweest en ook vandaag nog vinden we in Coronie meer kokosbomen dan in de rest van Suriname. Soms werd de kokosnoot als noot verzonden naar Paramaribo, maar in veel gevallen werd reeds in Coronie uit de noot de olie bereid, die in Paramaribo werd verkocht.

De varkensteelt was voor Coronie ook belangrijk en de varkens werden gevoed met de afvalproducten van de oliebereiding. De kosten waren daardoor minimaal, maar het nadeel was dat het vetgehalte van de varkens erg hoog lag en dat deed afbreuk aan de kwaliteit van het vlees. Coronie heeft ook altijd een redelijk grote rundveestapel gehad, terwijl van oudsher Coronie het distrikt bij uitstek is geweest voor de honingproductie. Parwahoning van Coronie geldt nog steeds als een der besten honingsoorten van Suriname.
Vroeger werd Coronie in het parlement vertegenwoordigd door 1 afgevaardigde, maar met de inwerkingtreding van de grondwet van 1987 werd dit gebracht op 2. Politiek is Coronie verdeeld in 3 ressorten (met daar achter de bekende bevolking per 1 januari 1996-Bron CBB): ressort Welgelegen 625, ressort Totness 1.613, ressort Johanna Maria 684. Dit geeft een totale berekende bevolking per 1 januari 1996 van 2.992 of 0.69% van de Surinaamse bevolking. In de recente jaren is de rijstcultuur een belangrijk bestaansmiddel geworden in Coronie. Deze cultuur wordt vooral uitgeoefend in de rijstpolders die ten zuiden van het bestaande cultuurareaal zijn aangelegd en ook langs de oost-west verbinding (de weg naar Wageningen). De oogst wordt voor een groot deel vervoerd naar Wageningen, waar het verder verwerkt/bewerkt wordt. Ook kustvisserij vanuit Totness en zwampvisserij langs de oost-west verbinding bieden aan velen een goed bestaan.

Te Totness vinden we op het marktplein de markt, waar vooral lokale groenten en vruchten worden aangeboden. Onder de vruchten vallen vooral op de pomme de cythere, de granaatappel en de advocaat, die in Coronie in grote hoeveelheden voorkomen. Op het marktplein vinden we ook twee monumenten: een monument van de revolutie en een beeld van Tata Colin, die in Coronie een slavenopstand had willen ontketenen. Mogelijkheden tot vermaak zijn er ook in Coronie. Wel andere dan in Paramaribo. Televisie of radio kan men nauwelijks of niet ontvangen. Een bioscoop is er niet. Het Cultureel Centrum Coronie ontplooit niet veel activiteiten. Maar de aanwezigheid van waterleiding en van elektrisch licht heeft het leven wel een stuk aantrekkelijker gemaakt.

Opvallend in Coronie is het relatief groot aantal Chinese namen van de bewoners. De oorzaak hiervan is terug te voeren tot 1858, toen een groep van 25 Chinese immigranten naar Coronie werd gezonden om het Totness kanaal uit te graven. Zij bleven er voor het merendeel wonen en vermengden zich met de lokale bevolking. Van de sporten wordt vooral voetbal veel beoefend en clubs uit Coronie zijn al vaker doorgedrongen tot de hoogste afdeling van de SVB. In het stadion van Totness worden regelmatig wedstrijden gespeeld tegen ploegen uit Paramaribo. Voor de 2e wereldoorlog was ook cricket een veel beoefende sport in Coronie, maar daar wordt tegenwoordig niets meer aan gedaan. Ook aan de gezondheidszorg is in Coronie altijd ruim aandacht aan besteed en redds in de vorige eeuw werd er vanwege de overheid altijd gezorgd dat er een medicus en een vroedvrouw aldaar werden gestationeerd.

Tegenwoordig bezit Coronie te Friendship ook een gezondheidscentrum.In de jaren 40 en daarna werd Coronie uit zijn isolement verlost, door de Saramaccaweg door te trekken naar Boskamp en aan de Coronie-zijde de verbinding tot stand te brengen tussen Jenny aan de Coppenameen de bestaande weg naar Totness. Aan de west-zijde werd in de jaren 60 een land verbinding aangelegd, die de oude weg van Coronie verbindt met het wegennet van Wageningen en Nieuw-Nickerie. Men kan nu dus van Coronie per auto rijden naar Paramaribo of naar Nickerie en men is niet langer overgeleverd aan de ontberingen van de zeereis.

Hoe plezierig de ligging aan zee ook kan zijn in sommige opzichten, Voor Coronie heeft dit eveneens een probleem gebracht. De afwatering van alle planteges was gericht op de zee. De zeekust is bij Coronie echter onderhevig aan veranderingen. Soms is er afslag landverlies. Dan worden de dijken vernield door het zeewater, dat daarmee vrije toegang krijgt tot de plantages, of de sluizen verdwijnen in zee, zoals in de jaren 60 nog is gebeurd met de sluis in het Totness kanaal. Maar soms is er aanslibbing / landaanwinst. Dan slibt de sluiskreek dicht en kan het overtollige water van de plantage niet meer vrij worden afgevoerd naar zee. In beide gevallen heeft het land dus te lijden van het water.

In 1921 woonden er in Coronie 1.850 mensen, d.i. 2% van de totale Surinaamse bevolking. In 1950 woonden er 3.967 mensen, waarvan 3.551 creolen, 48 Hindoestanen, 334 Javanen, 22 chinezen, 6 Europeanen, en 6 overigen. In 1996 was iets meer dan eenderde deel van de Coroniaanse bevolking jonger dan 18 jaar en er woonden meer mannen dan vrouwen in het distrikt.

  1. Jose
    October 14th, 2009 at 12:26 | #1

    LS,

    Ik ben opzoek naar enige informatie (stamboom; families etc) over bewoners van coronie tussen 1880- 1970.

    Hebben jullie die info tot jullie beschikking en is het mogelijk dat ik wat info ontvang (ook kan ik misschien mijn steentje bijdragen aan de informatie op de site)

  1. No trackbacks yet.