Hamilton

June 17th, 2009
Plantage Hamilton Foto’s update:23 nov. 2004 Print
katoenplantage Hamilton aan de Coroniaanse kust
Opperdistrict Nickerie, lot 235
volgorde der plantages: (van oost naar west)
Inverness – Hamilton – Welgelegen – Moy – Perseverance – Maryshope – Totness – Friendship – Bantaskine – John – Bella drum – Johanna Maria – Groot en klein Novar – Salem – Clyde – Leasowes – Sarah – Burnside
Auteur: Philip Dikland, 2004.

chronologie:

1817 – S. Van Thol (lot no. 231 t/m 236)

In 1817 werden de 5 aaneengesloten percelen no’s 231 t/m 236 uitgegeven aan S. Van Thol. Deze heeft de landen echter niet gecultiveerd. In 1825 retourneerden de erfgenamen van Thol de landen aan het gouvernement.

1821 – James Taylor (almanak 1821)

Lot 235 (Hamilton) en 236 (de helft van Inverness) behoorden beide aan James Taylor. De plantage had nog geen naam. Taylor administreerde het bezit zelf. Wm. N. Keusie was de plantagedirecteur. Taylor bezat geen andere plantages.
Overigens was S. Van Thol officieel nog steeds de eigenaar van de percelen (zie hierboven). Terwijl Taylor er al een plantage op had aangelegd !

1843 – erven Taylor (almanak 1843)

De katoenplantage Hamilton had een slavenmacht van 27 mensen. J. Taylor was de plantagedirecteur, en M.C. Hamilton verzorgde de administratie. De boedel Taylor omvatte geen andere plantages.

1854 – M.C. Hamilton (v. Sijpesteyn)

Miss. M.C. Hamilton was de eigenaresse en tevens de administrateur. De plantage was 500 akkers groot. De slavenmacht omvatte 29 slaven, en verder waren er 7 vrije arbeiders. D.M. Heymans was opzichter op de plantage. Er was in dat jaar geen directeur.

1863 – emancipatie

De emancipatiegegevens van de plantage moeten nog nader worden uitgezocht. Na de emancipatie werden geen hindustaanse of javaanse contractarbeiders geworven.

1908 РF.A. Mas̩ c.s. (almanak 1908 Р1909)

F.A. Masé woonde op de plantage en beheerde deze zelf. Cacao, bananen en cocosnoten waren de hoofdproducten. In 1907 werkten er 21 arbeiders

Reeds in 1847(?) werd te Coronie de EBG-post te Salem gevestigd, later uitgebreid met een vestiging te Hamilton. Tenslotte kwam er een derde post te Totness.
In 1914 bezocht H. Weiss de EBG-post Hamilton. Hij schrijft hierover :
“… Over Totness ging ‘t nu naar Hamilton, een bijzonder schoone rijtocht. Aan de weg lag een gedoode reuzenslang, zoals men hier, vooral in den regentijd, vele vindt. Te Hamilton brachten broeder Ruffer en ik een bezoek aan den inlandschen helper, broeder Kraag, en bezagen ‘t kleine kerkje. Mijn oponthoud aldaar was van te korten duur om een vergelijking te kunnen trekken tusschen deze gemeente en andere. Ook de school heb ik niet bezocht …”

2004 – de monumenten

Philip Dikland maakte in 2003 een uitgebreide fotoserie van alle traditionele gebouwen in Coronie. Het zijn unieke monumentjes, maar geen van alle beschermd, en ze zullen spoedig verdwijnen.

bronnen: 1 – boeken en artikelen

1.1 – encyclopedie Nederlandsch West-Indie – 1917
p.229 gegevens Coronie

1.2 – Andre Loor
Verbonden, suriname en DSB, 1865-1990 – uitg. DSB, 1990

1.3 – C.A. van Sijpesteijn
Beschrijving van Suriname. Historisch-, geographisch- en statistisch overzigt, uit officiele bronnen bijeengebragt. ‘s-Gravenhage, 1854

1.4 – H. Weiss
vier maanden in Suriname – Nijkerk, 1915

2 – archief Dienst der Domeinen, Paramaribo

1825 – Certifikaat lot no. 236 (Inverness, naast Hamilton)
Certificaat
Relatief het perceel land bekend onder op de generaal schetskaart onder no. 236 gelegen aan de west zeekust dezer kolonie tusschen de rivieren Coppename en Corrantijn.
Dit perceel land is – blijkens mij ter hand gekomene origineele stukken – met bijvoeging der naast gelegene perceelen no. 235, 234, 233, 232, 231 in den jare 1817 ingevolge authorisatie van destijds gouverneur generaal ad int: uitgemeten door den landmeter H: F: Camp ten verzoeke van S: van Thol, doch van deze preferentie op de perceelen is door F: W: Faerber qq als beherende den boedel van wijlen genoemde S: van Thol afstand gedaan, kunnende hetzelve perceel zonder prejudice van iemand aan W: Moore en Mac Inthosch welken hetzelve in allodialen eijgendom verlangen op te nemen worden verleend.
De kaart door mij op heden in duplo van dit perceel land geformeerd is figuratief, moetende hetzelve dus bij het verkrijgen van een warand worden gemeten ten einde daarvan te formeeren kaarten ter approbatie.
Dit perceel land heeft den inhoud van 500 akkers met eene face van 30 kettingen en alzo ter gemiddelde diepte van 166 2/3 kettingen.
Aldus gedaan en in triplo nafgegeven alhier aan Paramaribo den 17 meij 1825
De geadmitteerde landmeter.
Geapprobeerd bij resolutie van zijne excellentie den heere generaal majoor gouverneur der kolonie Suriname van dingsdag den 17 meij 1825 no. 170
de secretaris van het gouvernement

Comments are closed.